Glinstertjes
Tue, 27 Dec 2005 22:12 +0100
discussiegroep: PretLetters
Reageer via de discussiegroep bij Google.
Ik ben nu weer helemaal thuis. Al een paar uur zelfs. Met de Kerst was ik bij mam en Ger in Buinerveen, een uithoek van een uithoek
. Althans, als je er met het openbaarvervoer wilt komen in het weekend. Ik haalde dan ook net niet het einddoel op eigen kracht.
Zaterdag, 24 december
Toen ik zaterdagmiddag naar het station liep, dacht ik nog op tijd te zijn, maar ik had mijn wandelingetje toch te krap genomen. Ik liep te sjouwen met een onhandig zware tas, die ik niet makkelijk om een schouder kon hangen of op mijn rug kon nemen, en meerdere keren moest ik even stoppen en de tas verhangen of verschuiven, of van hand naar hand verplaatsen.
Al met al kostte me dat net voldoende seconden om mijn trein nipt te missen. Zo'n geval waarbij je de achterlichten ziet wegglijden net een tiental meters voorbij het uiteinde van het perron. Een minuutje te laat. Een minuutje met een behoorlijk vermogen zich te vermeerderen in de loop van de reis, zou blijken.
Vanaf Utrecht had ik de trein van twaalf over moeten hebben. Het treintje waarmee ik binnenkwam op Utrecht, stopte daar echter om dertien over
.
En zo ging het al maar door. Eigenlijk tot in Assen was er nooit echt iets aan de hand.
Mijn stoptrein vanaf Zwolle, na nog overstappen op Amersfoort, reed ongeveer om kwart over vijf het station van Assen binnen. Net iets later. Niet eens gek veel later dan de rechtstreekse verbinding vanaf Utrecht naar Assen met de intercity. Het scheelde werkelijk niet veel.
Maar genoeg, bleek. Ik spiekte bij de bushalte op de bordjes. Kwart over zes zou er weer een bus gaan naar Buinerveen. Dan zou ik nu dus bijna een uur moeten wachten. Ik speurde naar andere mogelijkheden. De bus naar Stadskanaal misschien? Maar na overleg met mam, telefonisch, en met een prak vrolijke Drenthen bij de bushalte die zich er lustig mee bemoeiden, liet ik dat plan verder varen. Het leverde marginale tijdswinst op en mam wist dan niet goed waar ik zou zijn in Stadskanaal.
Dus zou ik wachten. Ik zag de restauratie als een aantrekkelijke plek. Het was al donker en koud en een warme mok met chocolademelk lustte ik vast wel. Dus bestelde ik er één.
Onhandig manoeuvrerend met rugzakje en weekendtas voelde ik opeens hoe ik de controle over de mok op een voetje op een schoteltje op een glad blad verloor. Bij de rand aangekomen kiepte de mok na een kleine stuiter op het schoteltje, om en goot de inhoud over het tafeltje waarnaar ik op weg was. Pats, splash.
Het droop van de tafelrand en drupte op een stoel en net niet op mijn tassen of op mij. Ik zette alles snel uit mijn handen en liep terug naar de counter. Daar trof ik geen personeel meer, maar ik zag wel een emmertje met warm en redelijk schoon sop. Dat rausde ik van het buffet weg en gebruikte het om de boel weer wat schoon te maken.
Eenmaal alles schoon, had ik nog steeds trek in mijn kop warme chocolademelk. Potdorie. Dus liep ik weer terug, met vies blad en emmertje met inmiddels afgekoeld en niet zo schoon sop meer. Ik vond toch weer een medewerker van de restauratie, legde uit wat er was gebeurd en Ik denk dat je dit emmertje sop wel kunt vervangen inmiddels
glimlachte ik er achteraan. En ik bestelde een nieuwe warme chocolademelk.
Och nee, mevrouw. Die krijgt u zo hoor. Ongelukjes gebeuren.
Dat is lief! Ik had het spul toch echt zelf verspild, daar had niemand anders schuld aan. Enik kreeg zomaar een nieuwe. Fijn hoor.
De hele dag was al vanalles uit mijn handen gevallen, stuk gegaan, omgevallen. Ik had de trein gemist, en nipt de bus. En toen ik terug was bij de bushalte, even na zessen, bleek dat er helemaal geen bus meer zou rijden die avond. Door de weeks rijdt er nog één bus na zessen. Maar op zaterdag toch echt niet.
Tjé, dat was een teleurstelling. Wat nu? Ik deed navraag bij de taxi's voor het station. Toen ik de prijs hoorde en even snel omrekende kwam ik op €2,40 per kilometer. Ja, daáag. Wat een idioot hoog tarief. Daar werk ik niet aan mee.
En dus moest ik worden gehaald. Ger verscheen na ongeveer een half uurtje. En zo'n vijfentwintig minuten later kon ik ook mam knuffelen. Helemaal goed. Eindelijk.
Je moet als je naar zo'n uithoek vertrekt met het openbaar vervoer, werkelijk volgens de time tables reizen, terugrekenend en met veiligheidsmarges, want voor je het weet sta je ergens naast een station te klappertanden, je af te vragen hoe je daar weer vandaan komt.
Even later kon ik mam knuffelen en Ger nog eens een keer fatsoenlijk (want zo half door een auto rijkend kom je niet ver), en de katten één voor één en later tegelijk ook. Ik was binnen; laat Kerstmis maar beginnen.
Kerstavond verliep gemoedelijk, verwachtingsvol over de komende dagen. Mam had lekkere verse kippensoep als avondeten en verder hebben we vooral zitten kletsen over van alles en nog wat. Ik pakte mijn tas uit boven in de logeer en na wat wijn en lekkere port met franse en lokale kazen gingen we rond middernacht slapen.
Eerste Kerstdag
Na het ontbijt op eerste Kerstdag liggen er twee cadeautjes onder de kerstboom in de huiskamer. En ze zijn allebei voor mij
.
Ik had wel cadeautjes voor mam en Ger in gedachten gehad, meermaals zelfs, maar ik was er domweg niet aan toe gekomen om ze te kopen. Ze gaan ze nog wel krijgen binnenkort ergens.
Maar eerst waren er cadeautjes voor mij. Twee nog wel. Een schattig spekstenen wierrookstokjeshoudertje, mooi van kleur bij wat ik aan Japanse spulletjes heb. Een lotusbloem op een gedecoreerde schijf. Het andere was een klein potje van hetzelfde soort speksteen, gewoon mooi, om bij mijn beginnende collectie japanse spulletjes te zetten.
En in dat potje zat een mooi bewerkt gazen zakje. Zo'n zakje waarvan ik niet kan zien of het nou indiaas is of marokkaans. En in het zakje zat nog een cadeautje.
Een ring. Ik zag een ring. En opeens wist ik welke ring dat was.
Toen mam en ik naar de Ardennen waren dit voorjaar, schoof ik tijdens één van de diners een ring van mam aan mijn vingers. Dat was een ring waar mam toen zij veertig was zelf voor had gespaard en die zij zelf had laten maken. Een fraai exemplaar van vijf briljant geslepen diamantjes die op een rijtje staan in eenvoudige zettingen op een gouden ring.
En dat was deze ring. Ik was helemaal blij en mam was blij om mijn blijdschap. Vol ongeloof nog schoof ik hem aan mijn vinger. Wat een schitterende ring. Allemachtig, wat een cadeau. Wauwie. Wat een cadeaus zeg.
Ik ben heel blij met die ring. Werkelijk heel blij.
Later gingen mam en ik met de katers naar buiten toe. Beide katten worden voorzichtig gewend aan hun nieuwe omgeving. Met de katten aan een riempje, als met een hondje, liepen mam en ik beiden met ieder een kat om ht huis te banjeren. Mam met Nebu, ik met Nesar.
Nebu is er volgens mij wel aan toe om vrij rond te lopen. Stoer stapt hij stevig. Als hij kon zou hij een beetje stampvoeten met zijn poezenvoetjes.
Nesar is een ander verhaal. Die is wat schichtig en schrikachtig. Af en toe komen al zijn rughaartjes overeind en wordt zijn staartje dik als van een vosje. En vanaf achteren tegen de klok in om het huis lopend, is er een punt waar hij niet verder wil. Daar heb ik hem dan maar opgepakt. Hij rilde helemaal en we zijn er niet uit of dat nou van de kou is of van de overdosis indrukken die er op zo'n klein katje afkomt in zo'n nieuwe omgeving.
Enfin, na het wandelen met de katten, gingen mam en ik een klein stukje lopen in de buurt. Door een stukje aangelegd bos dat langs het dorp loopt en dan terug door het dorp. Niks geks, even simpel, om buiten te zijn.
In dat stukje bos zijn wel fraaie dingetjes te zien, overigens. Het is nat en het bos is aangelegd met loofhout. Op oude dode stammetjes en stronkjes wemelt het van geweizwammetjes. Verderop wordt het dan opeens elfenbankjesgebied. Ook talloze fraaie moskussentjes blinken en glinsteren in het donker. Want ondanks het prachtige zonlicht in de strak heldere lucht vol vorst, is het tamelijk donker buiten. Het is echt winter en hoewel de zon zijn best doet, komt de lichtintensiteit maar net de schemering voorbij.
Dat merk ik ook aan mijn cameraatje. Hij heeft moeite met scherpstellen en met vastleggen. Hij heeft last van de kou en van het gebrek aan licht.
Toch weet ik wel een paar leuke foto's te maken, gelukkig. Ik zal de foto's van heel deze Kerst op CD-tje zetten en aan mam en Ger sturen. Dat vinden ze vast heel leuk.
Bij het avondeten hadden we veel pret met de Christmas Crackers die Louise voor ons drietjes had gemaakt met veel zorg en liefde. Ze waren mooi om te zien en het was fun om ze open te trekken en met de kleine presentjes en mopjes te spelen.
We hebben zelfs de papieren kroontjes op onze hoofden gehad. Als iemand nu bij ons naar binnenkijkt,
zei mam Dan denken ze
Maffe Engelsen...
.
Mam had heerlijk gekookt. Bij mij viel vooral de paddenstoelensoep in de smaak. Ger viel aan op de bruidssuikers die in de Christmas Crackers hadden gezeten. Hij confisceerde ze eerst allemaal, en maakte ze vervolgens stuk voor stuk soldaat.
Het gevolg was wel dat hij in de konijneboutjes opeens een stuk minder trek had. Jammer, want het was eindelijk eens een goed konijn met toch behoorlijk wat eigen smaak. En dat in mams handen, botermals geworden. Een smakelijk konijntje dus.
Maar goed, We zijn ook een dagje ouder
zei mam En we eten gewoon niet meer zo veel.
Dit zal wel de laatste echte uitgebreide kerstmaaltijd bij mam en Ger zijn geweest, denk ik. Ze hebben oudere maagjes, een ander levensritme en gewoon niet zo'n honger meer.
Maar nu was het nog heel lekker, hoor. Vind ik althans.
We waren matig met drank en hebben het opnieuw helemaal niet laat gemaakt. Ik ben toch maar op het logeerbed gaan liggen, na initiële aarzelingen.
Migraine! Schoot door mijn hoofd. Vandaar ook die glinstertjes in de hoek van mijn rechteroog. Ik wen er maar slecht aan dat ik weet dat ik af en toe migraine heb.
Ik zocht naarstig een Naramig, nam hem in en zocht een moment rust om een uurtje in misselijke bah door te kunnen brengen.En inderdaad, precies een uurtje later liep ik weer kiplekker in de rondte te stappen. Naramig is werkelijk een wondertje. Het helpt alleen mijn waterhuishouding naar de gallemieze. Ik krijg er altijd vrij veel dorst van en moet, misschien daarom wel, ook verschrikkelijk vaak plassen.
Toen ik nog niet doorhad dat het migraine was die me kwam plagen1), gaf ik het logeerbed de schuld. Dat is een opblaasmatras en hij ligt niet heel geweldig. Bovendien wordt ik meerdere keren per nacht wakker van passerend verkeer (op een klinkerweg in een verder volkomen stilte) en knallende dakbalken (die werken bij afkoeling) of omdat ik naar de WC moet. Ik ben nog niet zo aan de omgeving daar gewend.
Toen ik
Tweede Kerstdag
Tweede Kerstdag hebben we ook heel klassiek doorgebracht. Met een wandeling, een bezoek aan een antiekboerderij en Scrabble. De wandeling en de antiekboerderij waren in en bij Smeerling, in Groningen, vanaf mam en Ger gezien vlak achter Stadskanaal.
Smeerling is heel klein. Meer een buurtschapje dan een dorp. Echt een gehucht van zeven boerderijen, hallehuizen staat op een bordje aangegeven. Schitterende exemplaren met enorme daken waarvan het lijkt of ze eerst los op de grond zijn gezet en toen van boven door een reuzehand zo'n beetje aangedrukt, ingedrukt, voordat ze op lage muren zijn getild. Schitterend echt. Ruig, robuust, enorm.
Tijdens de korte wandeling tussen bewolking en eerste sneeuw in, zien mam en ik (Ger bleef thuis; hij heeft een slechte, pijnlijke voet) er een paar. De Antiekboerderij zit ook in zo'n hallehuis. Heel slim is het merendeel van het antiek los (maar fraai gegroepeerd) tentoongesteld, op een paar kwetsbare stukken na. Die zijn verzameld in het midden waar een kleine inpandige opstal is gebouwd, die wordt verwarmd. Op die opstal staat dan nog een verzameling antieke meubels en landbouwwerktuigen.
Die antiekboerderij is overigens meer dan de moeite waard om te bezoeken. Veel serviezen en porselein, een aantal kabinetten (waarvan sommige echte museumstukken zijn), naast curiosa die overigens domweg ook de moeite waard is, en meer.
Mam en ik waren van plan om een kerstwandeling te lopen die gepubliceerd was in Die mensen achter ons denken 'Loop maar achter die dames aan, die met dat gele jack en die met die rode muts, dan hoeven we niet zo op het kaartje te letten' en wij dan opeens hier linksaf slaan...
lol) en de onmiskenbare schoonheid van het landschap, waarbij de wandeling bijvoorbeeld deels door ouderwets moeras loopt, gelukkig wel op een met grof zand verhard pad.
Net als de eerste glinstertjes motsneeuw uit een haast onzichtbare laag boven ons, naar de grond dwarrelen, zijn mam en ik weer bij de auto. Ik heb een welhaast onbedwingbare trek in warme chocolademelk, maar ik moet wachten van mam. We gaan het theehuis bij het parkeerterrein niet binnen. Thuis kan ik warme chocolademelk krijgen.
Die drink ik dan ook met smaak op. Dat hoort stomweg na een wandeling op
Niet gek veel later eten we al. Een heerlijke, wat moderne bruine bonensoep. Dat vult behoorlijk, behalve dat het erg smakelijk is.
De rest van de late middag, vroege avond en wat latere avond brengen we scharrelend (met kaas, worst en heel laat op avond chocoladevla met slagroom en caramelsaus) door terwijl we Scrabblen.
Twee moeizame potjes. De eerste wint mam, de tweede ik. Beide keren komen we niet eens boven de zevenhonderd punten. Wat een geworstel.
Tot overmaat van ramp was ook de zats
als verschijningsvorm van zat
. Ook mijn jet
en kees
worden door mam in twijfel getrokken Zoóo,
vraagt zij lachend schamperend, Ga je het hele leesplankje uitleggen?
Mam is toch wel op dreef. Hoe schrijf je 'briljant'?
vroeg ik (ik ben het echte woord even kwijt, maar zoiets was het). Pijnlijk getroffen keek mam op, zich realiserend dat ik op het punt stond zeven letters uit te leggen. Anders
reageerde ze triomfantelijk.
Maar mam had niets te vresen. Tot drie keer toe had ik woorden van zeven letters die ik met geen mogelijkheid aangelegd kon krijgen bij het bestaande speelveld van uitgelegde woordjes.
Maar goed, we hebben behoorlijk geworsteld dus. Toen we net met onze tweede partij waren begonnen, liep Ger langs. Één blik op het bord (met twee woordjes) en op mams blokjes ontlokte hem een verwonderd Dat schiet lekker op zo.
Mam had op dat moment louter medeklinkers, maar dat wist ik niet. Ik begreep haar geschater dan ook geheel niet, maar had er wel lol om.
En weer gingen we vroeg op bed. Wat zijn we verschrikkelijk braaf geweest deze Kerst. Niemand was dronken en zo. Steeds rond of deze derde avond zelfs ruim voor middernacht op bed.
En dan prima diep slapen. Ik had mijn verzet tegen de bulten en kuilen in het matras opgegeven en sliep meteen beter. Wel werd ik nog een aantal malen wakker. Om dezelfde redenen als eerst. Knallende dakbalken, plassen, en verkeer. Een strooiwagen ditmaal. Strooiwagen? En weer sliep ik, maar niet dat nadat ik de zevenduizend glinstertjes had bewonderd die zich boven mijn hoofd bevonden, de sterren door het daklicht.
Vandaag
Vanmorgen zag ik waarom. Er lag een vliesdun beetje sneeuw dat nauwelijk naam mocht hebben, maar nog tijdens het ontbijt (mam lust geen ontbijt; zelfs geen donkerbruin brood met zalige ham en cranberriegelij) begon het te sneeuwen. Wisselend mot glinstertjes en stuivergrote vlokken, wisselen mild en stevig buiig. En langzaam werd het wit. Een verlate kerstkaart met gevogelte als postzegel. Kleine mezen, vinkjes, ringmussen. Een roodborstmannetje en een -vrouwtje of -jong. Een merelman.
En langs de achterkant van de tuin scharrelt opeens een koppel fazantehaantjes, met één hen er bij. Korte tijd later completeert een laag over het land scherende buizerd het geheel.
Ondanks de sneeuw verloopt de terugreis goed. Ik mopper nog wat op mijn bepakking (toch maar een goede
Al sporend kwam ik thuis. Thuis, om wat bootschapjes te doen, om mijn tas uit te pakken, om deze blog entry te schrijven. Aan de glinstertjes in mijn ogen moeten mensen kunnen zien hoe ik het naar mijn zin heb gehad de afgelopen dagen.
| Categorie: persoonlijk |
1) Ik ontdek nu wel een patroon, overigens. Eigenlijk heb ik altijd als ik bij mam en Ger ben geduren een paar dagen, de eerste dag vroeg of laat een milde of minder milde migraine aanval. Dat zou wel eens te maken kunnen hebben met de totale ontspanning waar ik me van het ene moment op het andere aan over geef. Ik hoef me alleen nog maar te laten verzorgen. Alles wordt voor me gedaan. Die overgang van stressvol hard werken naar totale ontspanning is misschien een beetje boel. Of zo.
2) Huisregel: namen en afkortingen mogen niet, maar voor de c en de q maken wij thuis een uitzondering; met de c of de q mogen ook geldige afkortingen worden gelegd.
copyright © 2003-2005 Barbara de Zoete