PretLetters

September 2005

STAAKT!

Fri, 02 Sep 2005 19:56 +0200

Weet je dat ik alles dat met auto en verkeer te maken heeft, maar net trek, psychisch. Wat een pit fall is dat. Wat een chaos, puinhoop, geldverslindend monster. Oorlog is 't op de openbare weg.

En de jaren vijftig zoete lieve Gerritjes aan de top van Nederland BV, de premier incluis, bakkelijen met de journaile en de Tweede Kamer over nevenfuncties, zoals "ambassadeur van het jenevergenootschap". Of zo. En ze hebben onderwijl een hoop jolijt. De naïeve idioten. De idioten. Die godverdomde idioten.

Ondertussen betaal ik vanavond ruim € 1,54 voor een liter Euro 95 aan de pomp. Ruim anderhalve euro voor een litertje brandstof dat je voor twintig procent verstookt in de files die voornamelijk veroorzaakt zijn door klootzakken die tegen iemand zijn opgereden.

Dat is zo'n beetje mijn herinnering aan deze hele lange week. Files door ongelukken en brandstofprijzen die werkelijk afschuwelijk hoog zijn, onbehoorlijk hoog. En niemand die er een woord aan weidt, laat staan tegen in 't geweer loopt.

Ik voel een steeds grotere onmachtige woede. Woede op de brandstofbedrijfsketens die iedere vermeende stuiver risico bij voorbaat op de consument afwentelen, terwijl ze een gezamenlijke omzet hebben die miljarden groot is, en op die omzet miljarden winst draaien. Als je er waagt iets van te zeggen aan de pomp, krijg je Joh, dan ga je toch lekker fietsen. naar je hoofd van een onbeschofte kankerpomphond.

Ik weet zeker dat een gezamenlijk protest van de pomphouders de prijzenstijging tot staan zou kunnen brengen. Maar ja, daar hebben die honden geen baat van. Dan snijden ze in hun eigen omzet. Dus zullen ze dat nooit doen. De klerelijers. En de oliemaatschappijen wagen al helemaal niet in te grijpen. De staat niet, omdat die lekkerbekkend naar de stijging van de gasbaten zit te koekeloeren en de accijnsen eigenlijk ook wel geweldig lekker vindt. Niemand die baat heeft, behalve de individuele consument. Tijd voor een consumentenstaking.

En ondertussen zijn de wegen onbegaanbaar. Niet zozeer om de drukte, maar om de klootzakken die ongelukken veroorzaken. Kaartlezen, stukken doornemen, bellen (uiteraard niet hands free), je opmaken of scheren, bumperkleven, kikkeren (steeds van links naar rechts schieten en terug), met zestig vanaf de invoegstrook vanachter een vrachtwagen de linker baan opkomen, terwijl er iemand met honderdtwintig net aan het passeren is, nog maar eens bellen dan, de agenda bijwerken, spelen met de CD-speler, de radio of de Palm met GPS, even SMS-en of e-mailen, met oma op de achterbank in gesprek raken en ondertussen je vrouw uitleggen dat ze de kaart op z'n kop heeft.

Het is allemaal heel gewoon geworden. De auto is geen vervoermiddel meer, maar een levenssfeer. Mensen zijn niet langer aan het rijden (wat een intensieve bezigheid is die veel concentratie behoeft van een geoefende chauffeur met een goede conditie en juiste aandachtsverdeling). Mensen doen maar wat. Iedere dag (tachtig kilometer) moet ik minstens één keer echt in de remmen om een ongeval te voorkomen en zijn er talloze andere megakansen op ongelukken waar ik omzichtig omheen en langs en door manoeuvreer.
Iedere dag sta ik dan ook in minstens twee maal vier kilometer file omdat een ander ongeval wel is gebeurt. Veel van mijn medeweggebruikers ontbreekt het aan inzicht en intelligentie. Zij zijn een gevaar op de weg en gegarandeerd dat ik zo'n klootzak een keer niet zal kunnen ontwijken. En wee zijn gebeente. Als hij het overleeft (en ik ook), zal ik me in hem vastbijten tot hij alsnog doodbloedt. Criminelen zijn het de lui die aanrijdingen en andere ongevallen veroorzaken. Domweg criminelen.

Iedere dag wordt de aanvechting sterker en moet ik me heviger verzetten. Er komt een dag dat ik mijn auto tijdens de spits dwars op de A12 plaats, twee banen blokkerend boven op zo'n oud rotviaductje waar nou net geen vluchtstrook is, dat ik uitstap en een groot vaandel opsteek, waar op staat:

Ik staak!

En ik hoop dat met mij duizenden en duizenden die staking overnemen, een consumenten- en forensenstaking van heb ik jou daar. Niemand meer naar werk, geen opgefokt testosteronknaapje in een veel te grote bak, domme boomkruiper, die nog op tijd bij zijn klanten komt. Er überhaupt nog komt. Want ik staak.

En roep meteen op: STAAKT! Want zonder theater en pathetiek word je niet gezien, blijf je ongehoord, loopt men over je heen als was je een voetbrug voor de hoge heren, die is gelegd om ze over de lijken van de jaarlijkse verkeersdoden te leiden, zonder dat ze er een seconde bij hoeven stilstaan. Een brug die ze brengt in de schatkamer gevuld van aardgasbaten, accijnsen, abnormale omzetstijgingen en navenante winsten. Part noch deel heeft die voetbrug er aan. Hij waagt niet eens te zuchten, uit angst vervangen te worden.

STAAKT!

copyright © 2003-2005 Barbara de Zoete