PretLetters

Augustus 2005

Zelfredzaamheid

Sun, 14 Aug 2005 12:08 +0200

Vrijdag is mijn nieuwe vaatwasser bezorgd. De jongens die hem naar boven brachten, zeiden na één korte blik in de keuken: Maar wij mogen hem niet inbouwen hoor, mevrouw. Ik was verbaasd. Inbouwen? reageerde ik. Hij hoeft alleen maar onder het aanrechtblad geschoven te worden. Dat is toch geen inbouwen?

Maar dat was het volgens die jongens wel. Hoewel de verkoper in de winkel had aangegeven dat plaatsen onder het aanrecht (en daarbij aansluiten op allerlei bestaande voorzieningen; toevoerleiding, wandcontactdoos en afvoerpijp) geen enkel probleem zou zijn, Dat doen we voor u, mevrouw., dachten deze jongens daar heel anders over.

Laat dan maar, mannen. zei ik zuchtend. Ik doe dat zelf wel.

Vol vertrouwen pakte ik gebruiksaanwijzing. Er zit niet gek veel aan een afwasmachine. Het enige waar ik op moest letten was de instelling voor de zoutafgifte, afgestemd op de waterhardheid hier in Gouda. De rest was een kwestie van de juiste slang op de juiste plek monteren, et voila, ik zou weer een werkende vaatwasser hebben.

Ik trok de toevoerleiding en het elektriciteitssnoer achter het aanrecht langs en sloot de toevoerleiding alvast aan. Ik draaide de kraan nog maar niet open.

Ik schoof de machine zo ver mogelijk naar achteren, maar niet zo ver dat ik er niet meer achter kon komen, en probeerde de afvoerslang in de afvoerpijp te duwen. Dat lukte slecht. Het uiteinde van de slang was voorzien van één of andere rubberen sok, waarvan de diameter niet of nauwelijks in de beoogde pijp paste. Bovendien was de ruimte tussen het open einde van de pijp en het vastzittende aanrechtblad erg gering en ik kreeg de slang met die rubberen sok niet fatsoenlijk de bocht om.

Ik worstelde er enige tijd mee, trok de vaatwasser wat dichter onder het aanrecht om te zien of ik daarmee de ruimte in de slanglengte kreeg die ik nodig had, maar niets werkte. De ruimte voor mijn eigen bewegingsvrijheid was inmiddels zo gering, dat ik me een spelonkoloog voelde. Spontaan kreeg ik lichte claustrofobie.

Dit gaat zo niet. mopperde ik hardop. Ik wrong mezelf vrij en dacht even na. Niet te lang. Ik pakte een stanleymes en sneed die rubberen sok van de slang af. Korte tijd later had ik het uiteinde van de slang in de afvoerpijp geduwd. Heel diep, zodat hij niet spontaan uit die pijp kan springen.
Zo, opgelost.

Voorzichtig duwde ik de vaatwasser steeds verder onder het aanrechtblad, tot hij net niet klem zat tegen de slangen tegen de muur. Hij stak nog een kleine rand uit aan de voorzijde. Zo zit hij prima, vind ik.

Ik zocht de gemiddelde waterhardheid van Gouda op via Google. Opende de machine en haalde allerlei transportbeveiligingen weg. Goot een liter water in de vulopening van het zoutreservoir, kiepte het zout er achteraan. Goot glansspoelmiddel in het daarvoor bedoelde reservoir.
Om de afgifte van het zout (en van het glansspoelmiddel) in te stellen, zijn twee soorten instellingen nodig. De eerste zit in de machine zelf en is puur mechanisch. Een grote rode draaiknop, die in stand 1 of stand 2 kan worden gezet. Ik stelde die in op de correcte waarde.

De tweede manier van instellen gebeurt via het bedieningspaneel aan de buitenkant, boven, voor op de deur. Om die instellingen te kunnen doen, moet er stroom op het apparaat staan.
Ik aarzelde een kort moment. Ik draaide de kraan open voor de watertoevoer. Ik stak de stekker in het stopcontact. Er gebeurde niets vreemds.

Ik zette de machine aan. Jippie. Hij doet 't. dacht ik. Op het bedieningspaneel brandden een aantal lichtjes. Hij leeft.

Ik stelde de juiste waardes in, zoals dat was aangegeven te doen in de gebruikershandleiding. Gedaan. En nu?

Een beetje vaat stond in één van de spoelbakken van de gootsteen. Ik schakelde de machine uit en opende haar. Ik plaatste de vaat. Ik sloot de deur.

Voorzichtig drukte ik de machine weer aan. Ik startte een licht wasprogramma. Geluiden. Allerlei geluiden die herkenbaar bij een vaatwasser horen. Ik wachtte even af. Er gebeurde niets bijzonders. Gewoon, die geluiden. Meer niet.
Ik liep weg.

Af en toe ging ik nog kijken naar de draaiende machine. Ik speurde naar water op de vloer en naar andere tekenen van een major malfunction. Maar de machine draaide domweg haar programma af en leverde schone vaat. Ik sprong een gat in de lucht. Niet alleen had ik weer een goed functionerende vaatwasmachine, ik had ook helemaal zelf de oude gedemonteerd en transportgereed gezet en de nieuwe weer probleemloos aangesloten. Koud kunstje wellicht, maar als je dat nooit doet, toch licht spannend.

De dag ervoor, donderdag, had ik een sollicitatiegesprek. Ongelukkigerwijs had ik juist die nacht een aanval van migraine. Ik bestreed die aanval uit alle macht, maar voelde me niet toppie toen ik op weg ging voor dat gesprek. Ik zag er ook wat grauw uit en voelde me vermoeid en lusteloos. Bovendien had ik door de medicijnen een extreem droge mond, vervelende bijwerking.

Tijdens het gesprek knapte ik pas echt op. Het gesprek zelf heeft er misschien licht onder te lijden gehad. Toch ervoer ik het als een goed gesprek. Het duurde zeker een uur en ik had voldoende gelegenheid om veel van mezelf te laten zien. Ook om kennis te maken met de functie, inhoudelijk, en met de man die eventueel mijn toekomstige chef zou kunnen worden. Een zorgvuldig en intelligent man, is de indruk die ik van hem opdeed.

Enfin, er zal veel afhangen van de kwaliteit van de andere kandidaten. Ik zal niet vreemd opkijken als ik het niet word. Ik ben al blij dat ik op gesprek mocht komen. De eerste selectie was ik door. Dat is toch een compliment aan wie ik (op papier) ben. En dat bevalt me wel.

Ik merkte dat ik nerveus was bij het begin van het gesprek. Ik heb in geen jaren een sollicitatiegesprek gedaan en ik had niet echt een goed idee van wat ik moest verwachten. Bovendien vind ik de baan waar het om gaat, leuk. Ik zou die wel willen hebben, eigenlijk.
Oorspronkelijk nerveus, als een schoolmeisje voor een examen. Geestig, zo'n ervaring.

Medio komende week hoor ik of ik door ben of word afgewezen. Ik ben benieuwd.

Medio volgende week. Ik hoop dat ik dan eindelijk weer eens aan het vliegen ben. De verwachtingen voor het weer houden een verbetering in. Vorig jaar was alles net als nu, zo'n beetje. Te koud. Te nat. Ik had volstrekt geen zin in die kou en nattigheid in m'n tent. Vorig jaar heb ik me geregeld fysiek redelijk ellendig gevoeld.
Eens zien hoe het weer zich ontwikkeld. Als er nou maar geen hittegolf volgt, maar domweg droogte komt, ben ik een gelukkig mens zometeen.

copyright © 2003-2005 Barbara de Zoete