Weblogs en verantwoordelijkheid
Sat, 12 Feb 2005 21:12 +0100
Allerlei publicaties pikken aan op het fenomeen weblog op dit moment. Weblogs zijn er in internetleeftijd uitgedrukt inmiddels al geruime tijd. Behalve de bloggers hebben inmiddels ook gevestigde instituten, zoals 'klassieke media' en 'werkgevers', ieder vanuit hun eigen rol er meningen over.
Enige weken geleden, in een overdenking tegen het einde van 2004, schreef ik een artikel waarin ik de rol van blogs als illustratie gebruik bij een bestudeerde toekomstvisie over informatie en bezinning. Ik doe daar een uitspraak over een mogelijke verschuiving in de rolverdeling tussen het internet, weblogs in het bijzonder, en de klassieke media.
Ik ga het artikel hier niet herhalen of samenvatten. De crux is, dat door de snelheid van publiceren en de mogelijkheid tot directe communicatie over het gepubliceerde als het gaat om weblogs, de klassieke media het niet kunnen winnen bij de openbaring van blote nieuwsfeiten.
De kracht van de klassieke media zit in de bezinning, de reflectie die zij bieden. Het leggen van verbanden en, in retrospectie, plaatsen van gebeurtenissen. Geschiedschrijving, maar dan zeer contemporain.
Ik ben heus niet de enige die nadenkt over weblogs. Blogging heeft de mogelijkheid om met zeer eenvoudige middelen tegen zeer geringe kosten (als het al niet gratis is), alles te publiceren dat publicist publiceerbaar acht. Foto's en video's, persoonlijke verhalen, rants. Alles.
Eerder was een homepage eigenlijk alleen weggelegd voor techies die zich de taal voor
Er zijn, zoals bij welhaast alles in onze dichotomische maatschappij, twee kanten aan de medaille van bloggen: enerzijds de ontsluiting van allerlei feiten, gebeurtenissen, meningen en visies, wereldwijd, soms in die mate dat de reguliere pers zich welhaast gedwongen moet voelen om een onderwerp op blogs ook te verslaan.
Anderzijds de prijs van al die openbaarheid.
Gisteren ging Slashdot in op de ene kant van het verhaal: de massale beschikbaarheid van feiten, feitjes, halve waarheden en ronde leugens. Vandaag ging Webwereld in op de andere kant van het verhaal: de inperking die gewenst is voor en door sommigen, zoals bijvoorbeeld in het geval van de ontslagen Googlewerknemer
Gebaseerd op eigen ervaringen heb ik gereageerd op het artikel in Webwereld:
Ik denk dat een weblog feitelijk niet verschilt van een gewone site in dit soort zaken. Er is als werknemer nou eenmaal rekening te houden met een paar dingen:
- Geheimhoudingsplicht:
Over het algemeen zijn werknemers gebonden aan een geheimhoudingsplicht, met name, maar waarschijnlijk niet uitsluitend, over de inhoud van het werk. Noch een site, noch een blog verandert daar iets aan of er nou onder eigen naam wordt gepubliceerd of anoniem.- Privacybescherming:
Collega's en dergelijke zijn ook maar mensen. Alhoewel er situaties te bedenken zijn waarin een blogger over collega's kan schrijven, zou privacygevoelige informatie daar te allen tijde buiten dienen te blijven.- Common sense:
Het kan schadelijk zijn voor de blogger zelf als hij zijn directe werkgever, de organisatie waar hij voor werkt, afkamt. Wie in dat bedrijf neemt hem daarna nog serieus? En is dat dan de werkomgeving waarin je wilt blijven opereren?Ik blog zelf en, ja, het wil nog wel eens gaan over werk, maar hou ik goed in de gaten of wat ik schrijf op de één of andere manier botst met de voorgenoemde principes. Ik spreek niet over mensen, wanneer dat te herleiden zou zijn tot een individu. Ik heb het sowieso nooit over inhoud van het werk. En ik ben voorzichtig met kritische noten ten aanzien van processen, gewoontes, cultuur bij mijn werkgever.
Dan is er natuurlijk die mevrouw met haar seksuele uitspattingen1). Als dat eenvoudig naar haar is terug te leiden, kan ik me voorstellen dat ze zichzelf in de preutse Verenigde Staten diskwalificeert voor publieke functies. Zeker als uitingen te interpreteren zijn als schadelijk voor haar directe professionele omgeving. Dat valt ook zo'n beetje onder het kopje 'Common Sense'. Het is onmogelijk achteraf nog te zeggen of het puur de aard van het blog was, die leidde tot het ontslag, of dat het veeleer de mogelijke insinuatie was over die 'high official'.
Verder denk ik dat werkgevers terughoudend zouden moeten zijn, met pogingen het privéleven van hun werknemers te beïnvloeden. En ik denk dat ze dat gemiddeld genomen ook zijn. Mochten ze hun invloedsfeer willen uitbreiden, dan is het aan de werknemers bieden van een eigen mogelijkheid te bloggen misschien een middel daartoe. Als werknemer zou ik daar overigens niet snel op ingaan, juist vanwege mijn (misschien vermeende) vrijheid, als ik mijn visies en meningen op een van mijn werkgever onafhankelijk blog publiceer.
Mijn persoonlijke mening doet niets af aan de validiteit van een publieke discussie hierover. Sommigen, meestal met geringe kennis van zaken, vergelijken het publiceren in een weblog met publiceren in een krant. Dat is een vergelijking die absoluut mank gaat. Publiceren in een krant garandeert een miljoenenpubliek. Publiceren in een blog spreekt hoogstens een handjevol mensen aan, of twee of drie handjesvol2).
Toch garandeert die relatieve anonimiteit geen absolute anonimiteit. Juist de omgeving van de blogger zal het blog ontdekken, zeker als het weblog ondermeer over de omgeving vertelt en als het ook technisch nog eens doordacht en goed is gebouwd.
Dat betekent voor mij niet dat ik ieder woord op een goudschaaltje weeg. Het betekent wel dat ik meningen als meningen presenteer, visies als visies en altijd zal verklaren dat het slechts een mening is. Mijn mening. Een mening die er voor mij toe doet, maar die verder iedereen straffeloos volstrekt kan negeren.
Daarnaast zal ik mijn meningen confronteren met de drie principes van Geheimhoudingsplicht, Privicybescherming en Common Sense voor ik ze publiceer. Als ze naar mijn mening
die toets niet doorstaan, herschrijf ik ze. Of ik publiceer ze helemaal niet en schrijf ze uitsluitend in mijn werkelijke, papieren dagboek, dat ik ook bijhou.
Enfin, rond weblogs zijn meerdere verantwoordelijkheidsgebieden aan te wijzen. Die van de blogger zelf om niet te veel van de vertrouwelijkheid van zijn diverse levenssferen te openbaren bijvoorbeeld. Of die van de werkgevers als instituten, om zich niet te veel te mengen in de persoonlijke levenssfeer van de blogger.
En dan zijn er de reactie op artikelen in weblogs3). Reacties die een aanvulling kunnen zijn op het geschreven artikel. Een nuancering. De respondenten kunnen ook met elkaar 'in gesprek' raken. Dan ontstaat er een schat aan informatie die zich concentreert rond één zo'n weblogartikel. Als de webloggemeenschap lang genoeg en bestudeerd en beargumenteerd genoeg rond een onderwerp actief is, zie je de klassieke media zo'n onderwerp inderdaad vaak oppikken en opbrengen op hun eigen podia.
Maar voor hetzelfde geld loopt een zo gevoerde discussie volstrekt uit de hand. Dan wordt er gescholden, verbaal gemept, geschopt en geslagen en zelfs met de dood gedreigd. Dat is de andere kant van weblogs en de mogelijkheid die zij bieden te communiceren ins Blau hinein. Het is maar net welke gek je blog ontdekt en gaat volgen, waarmee wordt bepaald in welk deel van de bloggemeenschap je terecht gaat komen.
Dus ook de bezoeker van een blog heeft een verantwoordelijkheid, zeker als z/hij een reactie kan plaatsen en dat ook doet. Daarmee wordt z/hij immers zelf publicist. En ook voor zo'n respondent gelden de drie voornoemde principes, onverminderd.
Overigens geldt dit hele verhaal ook voor een gewone site. Die verantwoordelijkheden waren er dus al sinds het web bestaat, maar ze worden nu pas geformuleerd. Nu, omdat the masses met weblogs een ongekend eenvoudig middel in handen hebben gekregen om om het even wat te publiceren. En daarmee voer ik terug op de eerste alinea's van dit artikel. ![]()
1) Als je bij het lezen van deze zin denkt Què?
, moet je even het artikeltje op Webwereld lezen.
2) Hierop zijn uitzonderingen. Er zijn uitzonderlijk succesvolle weblogs die honderduizenden per dag trekken, als het niet meer is. Maar dat is zeer zeldzaam. Het merendeel van de blogs kent een veel bescheidener publiek (zoals de mijne).
3) Ik laat geen reacties toe. Ten eerste heb ik geen enkel verstand van de scriptingtalen die daarvoor nodig zijn. Ten tweede draait mijn pagina op een gratis plekkie waar die scriptingtalen niet op mogen draaien. Tot slot heb ik geen zin om reacties te monitoren op toelaatbaarheid. Vandaar.
Soms ontvang ik een
copyright © 2003-2005 Barbara de Zoete